Wegwijs in de Pali canon

Inleiding

Wegwijs in de Pali Canon – dit is een poging om je op pad te helpen in de immense canon van het vroege Boeddhisme.

De leerredes van de Boeddha werden aanvankelijk uit het hoofd geleerd, gereciteerd en doorgegeven van generatie op generatie monniken. Ze werden doorgegeven in het Pali, een Oudindische taal. Vlak voor het begin van onze jaartelling werden de teksten opgetekend op palmbladeren. Dat gebeurde op Sri Lanka. De teksten werden in twee (later drie) manden werden bewaard. Daarom noemt men de Pali-Canon ook wel de Tipitaka, de drie manden. In de eerste mand zaten de toespraken van de Boeddha (sutta´s1). In de tweede mand zaten de leefregels voor monniken (vinaya). Een derde mand, die later werd toegevoegd, bevat filosofisch en psychologisch commentaar op de sutta´s en heet Abhidamma. De Abhidamma kan dus niet rechtstreeks aan de Boeddha toegeschreven worden.

Overigens sprak de Boeddha geen Pali noch Sanskriet. Hij beheerste het Maghadi, een taal uit zijn geboortestreek in het noorden van India.

De Pali-Canon is zo groot dat er bijna geen doorkomen aan is. De teksten vullen een kleine boekenkast. Hieronder volgt mijn selectie.  De teksten staan ook op de website www.accesstoinsight.org. In het Nederlandse taalgebied zijn de vertalingen van Jan de Breet en Rob Janssen het meest bekend. Samen geven de onderstaande sutta’s een mooi overzicht van de leer van de Boeddha. Dit is de samenvatting van de hele leer:

Boeddha maakt je wegwijs in de Pali Canon

Het kwaad vermijden,
Altijd het goede doen,
Zuiver de geest:
Dat is de leer van alle Boeddha’s.

Dhammapada 158

Pali Sutta’s

Het leven van Boeddha

TitelTitel (Pali)Nr2Inhoud
Redevoering voor SaccakaMahasaccaka suttaMN 36Boeddha verhaalt over zijn spirituele pad vanaf het verlaten van huis en haard tot en met zijn verlichting. Hij spreekt over zijn lessen bij de yogi’s Alara Kalama en Uddaka Ramaputta, extreme ascese en de ervaringen tijdens zijn verlichtingsnacht.
Verhandeling over het draaien van het dharmawielDhamma Cakka PavattanaSN 56.11De eerste redevoering van de Boeddha na zijn ontwaken. Het beschrijft de middenweg, de vier edele waarheden en het achtvoudig pad.
Verhandeling over niet-zelf
(De vijf gebroeders)
Anatta-lakkhana SuttaSN 22.59De tweede preek van de Boeddha aan de vijf monniken die met hem optrokken vóór zijn verlichtingservaring. Boeddha zegt dat het zelf vergankelijk is en niet gelijk aan de vijf aggregaten.
De laatste dagen van BoeddhaMahaparinibbana suttaDN 16De laatste dagen van de Boeddha. Dit is de langste verhandeling en bevat een samenvatting van Boeddha’s hele leer. De laatste woorden van de Boeddha: “Alle samengestelde verschijnselen zijn vergankelijk. Werk met ijver aan je verlossing.”
Leven en leer van Boeddha

Leer van de Boeddha

TitelTitel (Pali)Nr2Inhoud
De grote leerrede over het cultiveren van aandachtMaha Satipatthana sutta MN 118Met de ademhalingsmeditatie als uitgangspunt beschrijft Boeddha 16 stappen naar verlichting. Er zijn vier groepen van aandacht: op het lichaam, de gevoelens, de geest en de leer van de Boeddha
Een voorspoedige dagBhaddekaratta suttaMN 131Wees volledig aanwezig in dit moment, niet in het verleden of in de toekomst.
VuurredeAdittapariyaya suttaSN 35:28Boeddha stelt dat de hele wereld brandt van hebzucht, haat en onwetendheid.
Verhandeling over liefdevolle vriendelijkheidMetta suttaSNP 1:8Metta is de intentie en het vermogen om geluk en vreugde te schenken, onvoorwaardelijk liefde. Het is één van de brahmavihara’s (verblijfplaatsen van de goden) samen met mededogen, vreugde en gelijkmoedigheid. 
De verhandeling over de grote oorzakenMahanidana suttaDN 15Boeddha geeft uitleg over afhankelijk co-onstaan (paticca samuppada) en het begrip zelfloosheid (anatta).
De parabel van de waterslangenAlagaddupama SuttaMN 22Boeddha toont dat goed begrip van zijn leer steunt op het juist “grijpen” ervan (net als je een slang goed vastpakt bij de nek) maar ook op het tijdig loslaten (zoals je een vlot achter laat zodra je de rivier bent overgestoken). Daarna behandelt hij de leer van het “niet-zelf” die bevrijdt van het “ik – mij – mijn complex”.
Verhandeling over de grote veertigMahacattarisaka suttaMN 117Boeddha behandelt het achtvoudig pad (juist zien, juist denken, juist spreken, enz.).
Het alomvattend net van standpuntenBrahmajala suttaDN 1Boeddha verwerpt 62 metafysische standpunten uit zijn tijd.
Leer van de Boeddha

Adviezen van Boeddha

TitelTitel (Pali)Nr2Inhoud
Advies aan de Kalama’sKalama suttaAN 3.65Boeddha adviseert het volk van de Kalama’s dat overspoeld wordt door rondtrekkende wijzen met allerlei visies. Boeddha stelt dat je de leer zelf moet onderzoeken om te beoordelen of de effecten heilzaam zijn en het lijden doen verminderen. Je eigen ervaring is belangrijker dan geschriften, tradities of het gezag van leraren.
Advies aan RahulaAmbalatthika-rahulovada SuttaMN 61Boeddha spoort zijn zoon Rahula aan om altijd de waarheid te spreken. Hij adviseert hem om bedachtzaam te handelen in gedachte, woord en daad.
Adviezen van de Boeddha
  1. Sutta (Pali) is Sutra (Sanskriet) ↩︎
  2. De afkortingen verwijzen naar de onderstaande teksten: ↩︎
  • AN = Anguttara Nikaya (genummerde redevoeringen)
  • DN = Digha Nikaya (lange redevoeringen)
  • MN = Majjhima Nikaya (middellange redevoeringen)
  • SN = Samyata Nikaya (gegroepeerde redevoeringen)
  • SNP = Sutta Nipata (verzen verzameling)
  • UD = Udana Sutta (uitdrukkingen)

Bahiya, je moet jezelf aldus trainen. In het zien, laat er alleen het zien zijn. In het horen, laat er alleen het horen zijn. In het voelen, laat er alleen het voelen zijn. In het denken, alleen de gedachten. Dan zul jij, Bahiya, niet “daarbij” horen. En als je niet “daarbij” bent, dan zul je ook niet “daarin” zijn. En als je niet “daarin” bent, dan zul je noch hier, noch elders, noch tussen beide zijn. Precies dit is het einde van lijden.

Boeddha maant Bahiya om het “ik-mij-mijn” complex te laten varen (Ud 1.10). Het “ik” gedraagt zich als regisseur van het leven. “Mij” overkomen de dingen. En alles is van mij, “mijn”. Met het vervallen van het “ik-mij-mijn” complex komt er ook, respectievelijk, een einde aan onwetendheid, haat en begeerte en dus aan het lijden.

Home » Yoga en meditatie informatie » Wegwijs in de Pali canon

Verklarende woordenlijst

  • Boeddha (letterlijk “de ontwaakte”), titel van Siddharta Gautama Shakyamuni geboren in Lumbini in de 5e eeuw v.Chr.. Hij verliet huis en haard op 29 jarige leeftijd. Hij bereikte de verlichting in Bodhgaya op 35 jarige leeftijd. Boeddha gaf zijn eerste preek in Sarnath (Varanasi) en stierf in Kusinara op 80 jarige leeftijd.
  • Middenweg: Dit heeft een aantal betekenissen, bijvoorbeeld het midden tussen ascese en opgaan in zintuiglijk genoegen. Maar ook het midden tussen eternalisme (ik heb een eeuwig en onafhankelijk zelf) en nihilisme (er is geen zelf).
  • Achtvoudig pad (vierde edele waarheid).  Dit is de beoefening die het lijden aan ons bestaan opheft: juist zien, juist denken, juist spreken, juist handelen, juist levensonderhoud, juiste ijver, juiste oplettendheid, juiste contemplatie. Lees  “juist” als “volmaakt”. De acht aspecten kunnen in drieën verdeeld worden: (1) ethiek/sila = juist spreken, juist handelen, juist levensonderhoud (2) concentratie/samadhi = juiste ijver, juiste oplettendheid, juiste contemplatie (3) wijsheid/panna = juist zien, juist denken.
  • Vier edele waarheden:  (1) begrijp het lijden, (2) laat het ontstaan van lijden (in de vorm van begeerte, haat en onwetendheid) los, (3) aanschouw het ophouden van lijden en (4) beoefen het achtvoudige pad.
  • Aggregaten (skandha’s): Hieruit bestaat onze ervaring:  vorm (materie), gevoel (voorkeur, afkeur of neutraal), perceptie, impulsen, bewustzijn.
  • Paticca samuppadaonderling afhankelijk co-onstaan met meestal twaalf schakels: (1) onwetendheid, (2) daden, (3) bewustzijn, (4) naam en vorm, (5) zintuigen, (6) contact, (7) gevoel, (8) begeerte, (9) grijpen, (10) wording, (11) geboorte, (12) ouderdom en dood. Met onwetendheid als conditie ontstaan daden en hun karmische gevolgen, enzovoort. Lees “conditie” als belangrijke voorwaarde, maar niet als enige voorwaarde.
  • Vijf hindernissen: factoren die meditatie bemoeilijken: gehechtheid aan de zintuigen, afkeer, luiheid, rusteloosheid, twijfel.
  • Zeven verlichtingsfactoren:  aandacht, onderzoek, ijver, vreugde, kalmte, concentratie, gelijkmoedigheid.